Kunst als troost
In kleine kring gelukkig zijn en daarbuiten minder is verklaarbaar gezien al de oorlog(staal) wat ons bereikt uit verschillende delen van de wereld. Het is moeilijk om je daarvoor af te sluiten. Je kunt het als persoon niet beïnvloeden, hooguit geld schenken aan humanitaire organisaties. Hoe word je in de huidige tijd niet cynisch - aan te duiden als omgekeerd enthousiasme - en blijf je positief?
Een uitzending van Het geluk van Nederland van lang geleden is me bijgebleven. Programmamaker en schrijver François de Waal wordt ondervraagd. Hij staat vooral bekend als beroepscynicus en notoire zwartkijker. In dat interview zegt hij het volgende:
“Natuurlijk is de wereld inclusief mezelf vol rottigheid, maar ook vol schoonheid. Ik kies ervoor me op dat laatste te richten. Dat is een dagelijkse worsteling, want ik blijf een realist, maar ik wil geen tijd meer verliezen door humeurig te zijn… Het is niet dat ik mijn kritische kijk verloren ben; het is een leugen dat alles en iedereen maar mooi zou zijn. Maar het cynisme is ook een leugen.”
Zo’n citaat wat ik destijds noteerde en nu tevoorschijn tover confronteert me natuurlijk meteen met mijn leeftijd. Kun je nagaan, dat programma werd ruim twintig jaar geleden uitgezonden. Gelukkig heb ik ook een citaat van Kets de Vries bewaard: “De uitdaging van ons leven is dat we zo laat mogelijk jong sterven”.
Om in de ondraaglijke lichtheid van het bestaan troost te vinden past in dit tijdsgewricht een citaat van de Nederlandse dichteres Nisrine Mbarki Ben Ayad: ‘Poëzie is de kunstvorm die de mens kan spiegelen en tegelijkertijd kan troosten. Aansluitend in deze ‘citatencolumn’ een fragment uit een gedicht van Vaclac Havel:
Hoop is de kwaliteit van de ziel
En hangt niet af
Van wat er in de wereld gebeurt.
Laten we het hopen.